Er zijn veel verschillende diciplines in de kanosport. Hieronder een aantal diciplines binnen de kanosport
Freestyle
Freestyle is nog een zeer jonge sport binnen het kanoën. De mensen die wildwater vaarden gingen in steeds kortere boten varen. In eerste instantie werden de achterdekken steeds platter en korter, waardoor het zogenaamde chandellen (dit is ondersnijden, waardoor de boot verticaal in water komt te staan) mogelijk was.
een aantal van onze leden gaan er met enige regelmaat op uit om een stuk te toeren. dit kan een tochtje in de buurt zijn of ergens wat verder weg.
jaarlijk zijn we een weekend in de biebos te vinden. een combinatie van lekker toeren tussen mooie natuur en kamperen. Elk jaar is dit reuze gezellig.
Wildwater
Onder ons is een groep enthousiaste wildwatervaarders, die van november tot eind maart erop uit trekken naar de Ardennen of Eifel. Deze riviertjes hebben juist in die tijd de waterstanden die ze tot `wildwaterrivier' maken. In de zomertijd gaan ze door heel Europa om het echte wildwater op te zoeken, zoals op de Durance en de Ubaye.
Kanopolo is een sport waar je met 5 personen in een team speelt in kleine bootjes van maximaal 3 meter. De bedoeling is om al varend de bal bij de tegenstander in het doel te gooien. Je kunt het wel vergelijken met gewoon waterpolo, maar dan in een bootje. Uiteraard hang het doel nu ook een stuk hoger ! Uiteraard word er dan extra aan de veiligheid gedacht. Het dragen van een helm en een zwemvest is verplicht. Zwemvesten worden aangeraden om letsel aan de romp door het hard invaren van de tegenstander te voorkomen.
Enkele opvallende regels zijn:
Het omgooien van de tegenstander die in bezit is van de bal is nog steeds toegestaan, het kunnen eskimoteren is daarom wel een must !
Je mag de bal wel stoppen met de peddel, maar je mag er niet mee slaan.
Voor ons verenigingsgebouw ligt onze slalom baan !
Op deze baan kunnen we uitgebreid aan onze techniek schaven. Ook worden er heuse slalom wedstrijden op deze baan gehouden.
Kanoslalom wordt gevaren over een parcours. Het parcours bestaat uit een twintigtal poortjes (Rood-wit en groen wit gestreepte palen die boven het water hangen). De poortjes moeten in een door nummers aangeven volgorde gevaren worden, waarbij er een onderscheid is tussen de vaarrichting van de groen-witte poortjes en de rood-witte poortjes. De groen-witte poortjes worden met de stroomrichting mee gevaren en de rood-witte poortjes tegen de richting van de hoofdstroom in. Voor het aanraken van een poortje krijg je twee strafpunten, voor het missen of fout varen van een poortje krijg je vijftig strafpunten. Een wedstrijd wordt gevaren in twee runs (of twee manches). De tijd in secondes plus de strafsecondes uit beide runs opgeteld vormen de eindscore. Diegene met de laagste score (snelste tijd en minste strafseconde) heeft gewonnen.